Fietsen met de hond

Fietsen? Een aanrader

Fietsen is goed voor de ontwikkeling van de spieren, goed voor de conditie en ideaal om een hond  lekker moe te maken. Een aanrader dus voor veel viervoeters en hun baasjes. Fietsen met de hond wordt aangeraden als de hond minimaal een jaar is. Raadpleeg voor de zekerheid uw dierenarts voordat u begint met fietsen. Het voordeel van lopen naast de fiets is dat de rechtlijnige beweging een geringere belasting is voor de gewrichten dan het spelen en rennen met andere honden of achter speelgoed aan.

Basis opvoedoefeningen die gebruikt kunnen worden

Voor het lopen naast de fiets kunt u de volgende opvoedoefeningen gebruiken:

  • Wandelen zonder trekken aan de rechterkant.
  • ‘Hardlopen’ met de hond aan de riem
  • Zitten
  • Wachten

Het gebruik van een Springer

De Springer bestaat uit een beugel met een veer eraan. Dit voorkomt dat de fiets omver getrokken wordt als de hond plotseling opzij springt.
De springer is verkrijgbaar bij o.a. dierenwinkels, fietsenzaken en internetshops.

 

Een paar aandachtspunten als u gaat fietsen met uw hond

  • Veiligheid gaat voor alles: de hond loopt rechts van de fiets, zorg ervoor dat hij niet voor de fiets kan komen, gebruik bij twijfel een Springer.
  • Bind de lijn nooit aan het stuur.
  • Zorg dat u de hond snel los kan laten, dus wind de lijn niet om uw hand.
  • Ga niet fietsen met uw hond als het 20 graden of warmer is. Denk er aan dat het asfalt na een warme dag ’s avonds nog lang warm blijft.
  • Ga  niet met een te jonge hond fietsen, dit is slecht voor zijn lichamelijke ontwikkeling. Informeer bij de dierenarts wat een goede leeftijd is om met uw hond te gaan fietsen.
  • Als u twijfelt over de lichamelijke conditie van de hond, laat de hond dan eerst onderzoeken door de dierenarts.
  • Laat uw hond uit voordat u gaat fietsen.
  • Uw hond mag geruime tijd voordat u gaat fietsen (minimaal 2 uur) niet meer eten, dit om een zogenaamde maagkanteling te voorkomen. Geef om dezelfde reden uw hond niet direct na het fietsen eten (minimaal een half uur). Laat de hond na het fietsen een paar slokken water drinken. Laat de hond pas na een kwartier naar behoeft drinken. Water drinken tijdens een fietspauze beperken tot een paar slokken.
  • Laat uw hond in draf lopen, niet in galop.
  • Bouw het fietsen langzaam op.
  • Laat de hond in het begin zijn eigen tempo bepalen.
  • Controleer regelmatig de voetzolen van de hond.
  • De fiets mag geen uitstekend delen hebben waar de hond zich aan kan bezeren.
  • Zorg dat de hond een gewone gladde halsband om heeft.
  • Laat de hond niet in de goot lopen. Daar ligt vaak rommel zoals glas en steentjes etc.
  • De hond moet na het fietsen even “afkoelen” en tot rust komen. Wandel het laatste stukje met de hond of ga na het fietsen nog rustig een rondje wandelen.
  • Laat de hond na het fietsen nooit direct zwemmen of op een koude natte grond gaan liggen.

 

Hoe leer je je hond naast een fiets te lopen

Een hond moet eerst vertrouwd raken met de fiets alvorens u met fietsen gaat beginnen.
Bij de gewenning aan het lopen naast de fiets kunt u eerst de volgende stappen doorlopen;

  1. Wennen aan een stilstaande fiets, trappers bewegen, bellen, stuur draaien
  2. De geleider loopt met de hond en iemand anders loopt met de fiets aan de hand. De geleider loopt tussen de hond en de fiets
  3. Hond en geleider wisselen, de hond loopt dus direct naast de fiets
  4. De helper stapt op de fiets en de geleider rent een stukje mee met de hond tussen de fiets en de geleider
  5. Geleider stapt op de fiets en rijdt rustig een klein stukje met de hond (enkele meters).

 

UV-examen

Voor de super-sportieven onder ons bestaat de mogelijkheid om – meestal via de eigen hondenclub – de UV-proef af te leggen. UV staat voor Uithoudings Vermogen. Tijdens deze proef fiets u met uw hond 20 kilometer. Tijdens de proef wordt twee keer gepauzeerd. De keurmeester controleert uw hond op oververmoeidheid en kijkt of de voetzolen niet stuk zijn. Na de 20 kilometer moet uw hond nog een stukje onder appèl lopen om te kijken of hij/zij nog voldoende fit is. Een hele prestatie, en vandaar dat u en uw hond voor de UV-proef uitgebreid moeten trainen. De meeste hondenclubs beschikken over trainingsschema’s en ook op internet is voldoende materiaal beschikbaar.

Fietsen met je hond opbouwen

Bouw het fietsen langzaam op. Hieronder een voorbeeld hoe je dit kunt doen (bron: KC De Batouwe).
In 6 weken bouw je het fietsen op. Dan twee weken niet fietsen. Daarna is het een kwestie ‘onderhouden’. Overigens is het heel goed om de dagen dat je niet fietst met de hond, de hond te laten zwemmen.

 

Schema jonge hond (1-2 jaar)

 

 

dag 1 dag 2 dag 3 dag 4 dag 5 dag 6 dag 7
week 1 05 min. 10 min. 10 min.
week 2 10 min. 10 min. 10 min. 10 min.
week 3 10 min. 10 min. 10 min. 10 min. 10 min.
week 4 15 min. 10 min. 15 min. 10 min. 05 min.
week 5 15 min. 10 min. 10 min. 15 min. 10 min.
week 6 15 min. 10 min. 10 min. 20 min. 10 min. 2 weken rust
Daarna 20 min. 15 min. 15 min.

Schema volwassen hond (> 2 jaar)

 

 

dag 1 dag 2 dag 3 dag 4 dag 5 dag 6 dag 7
week 1 25 min. 15 min. 25 min. 20 min.
week 2 30 min. 20 min. 30 min. 30 min.
week 3 35 min. 20 min. 30 min. 30 min. 20 min.
week 4 40 min. 20 min. 40 min. 15 min.
week 5 40 min. 25 min. 40 min. 20 min.
week 6 45 min. 20 min. 60 min. 20 min.
Daarna 30 min. 20 min. 20 min.

 De fietsmand en de fietskar

Voor sommige (kleine) honden is het misschien te vermoeiend om naast een fiets mee te lopen. Een handig alternatief is een fietsmand, of voor de grotere hond die hier niet in past een fietskar.
Een hond moet ook rustig wennen aan een fietsmand / kar voordat u ermee op pad gaat.
Zet de fietsmand op de grond en laat de hond er in zitten. Pas als de hond rustig in de mand zit wordt het tijd om de hond in het mandje te laten zitten aan de stilstaande fiets.

 

Ook in de fietskar moet de hond rustig zitten voordat u met de fiets rustig een stukje gaat lopen. Blijf naast de fiets lopen totdat u ziet dat de hond helemaal rustig blijft zitten in de fietsmand / kar, stap daarna pas op de fiets.
De hond moet leren dat hij altijd uit de mand getild wordt en er nooit uit mag springen.
Bevestig de hond met een goed passend tuigje dat aan twee kanten laag in de mand vastgemaakt wordt. Controleer of de hond niet uit de mand / kar kan springen.

About yvonne