Fietsen met de hond.
Fietsen is goed voor de ontwikkeling van de spieren, goed voor de conditie en een gezonde manier voor de hond om zijn energie kwijt te raken en lekker moe te worden. Over het algemeen is het raadzaam om pas te gaan fietsen met de hond wanneer die (bijna) volgroeid is, dat is met gemiddeld een jaar afhankelijk van het ras.
Bouw het fietsen met je hond heel rustig op en houdt er rekening mee dat het verkeersreglement niet toe staat dat een hond links van de fiets loopt.
Als de hond dus gewend is om links van je te lopen, dan zul je de hond eerst moeten leren op een speciaal commando rechts van je te lopen. Dat is bovendien veel veiliger voor de hond. Ook is het niet toegestaan om met twee of meer honden te fietsen. Gehoorzaamheid is naast de fiets het allerbelangrijkst. De hond mag je niet van de fiets trekken omdat hij ergens een andere hond ziet. Train dus eerst het naast de fiets lopen voordat je echte afstanden gaat fietsen.
Wen de hond eerst aan het wiel van je fiets.
Neem de fiets in de hand en loop, met je hond aan de rechterkant, een stuk naast de fiets. Daarna fiets je in laag tempo en bouw je het tempo op. Beloon je hond steeds als hij netjes naast de fiets loopt. Begin met heel korte afstanden en maak ze geleidelijk langer. Begin op rustige weggetjes en ga pas op een drukkere weg fietsen wanneer je zeker weet dat de hond gewend is aan passerend verkeer.
Let op het tempo dat de hond loopt.
Zorg dat de hond losjes naast je draaft. Laat hem in geen geval in galop naast je hollen. Een te hoog fietstempo wordt, zeker voor kleinere honden, al gauw een uitputtingsslag. Maak alleen rechtlijnige bewegingen en rust ieder kwartier even uit.
Voorkom oververhitting van de hond en ga nooit met hoge temperaturen fietsen!
Een hond kan maar op twee manieren zijn warmte kwijt: via de tong en via de voetzolen. Boven de 20 graden is te warm voor de hond. In de zomer kun je het beste ’s morgens vroeg of later op de avond fietsen. Neem altijd water mee, niet te koud, en laat de hond regelmatig kleine beetjes drinken. In de winter, wanneer het vriest, is het niet raadzaam te gaan fietsen met de hond.
Laat je hond eerst uit voordat je gaat fietsen.
Laat de hond zijn behoefte doen voordat je gaat fietsen en geef de hond geen eten vlak voor je gaat fietsen en dat geldt ook tot ca. een uur nadat je weer thuis bent gekomen. Wees voorzichtig met de hoeveelheid water die je hem geeft. Inspanning gecombineerd met eten of drinken kan een maagkanteling veroorzaken bij honden.
Controleer je hond regelmatig.
Controleer tijdens het fietsen regelmatig de voetzolen en nagels van de hond. Aan het eind van iedere fietstocht laat je de hond even uitlopen zodat hij zich kan ontspannen. Verzorg hem, droog hem eventueel af als dat nodig is en leg hem niet op een koude vloer en zorg voor voldoende ventilatie maar geen tocht.
Samen iets doen met je hond versterkt de band tussen jullie.
Je kunt de relatie nog versterken door niet iedere dag te gaan fietsen, houd de uitdaging voor je hond erin! Zodat het voor de hond altijd een welkome verrassing is om te zien dat je de fiets te voorschijn haalt.
Lijnvoering bij fietsen met de hond en hulpmiddelen.
Je kunt met een gewone riem van ca. 2 meter prima fietsen met je hond. Houd die dan los in de hand, sla hem niet over het stuur of om je pols heen.
Je kunt de hond ook een tuigje in plaats van een halsband aandoen. Mocht de lijn onverhoopt strak komen te staan dan wordt de hals niet belast.
De Springer en ook de Walky Dog en de Trixie Biker zijn spiraalveren die aan de fiets zijn te monteren en waaraan de hond kan worden. Een tuigje is bij deze systemen zeker aan te bevelen. 
Een fietsmand, met of zonder beschermende tralies, is geschikt voor de kleine hond. Kleine honden kunnen niet te lange afstanden lopen. U kunt de hond een deel van de tocht naast de fiets laten lopen en de rest van de tocht kan hij in de mand meemaken.

In de hondenfietskar kunt u de grotere hond meenemen. Er zijn verschillende modellen voor verschillende gewichten. Bij vermoeidheid kunt u de hond een deel van de tocht laten meerijden. De wat oudere maar nog fitte hond kan zeker naast de fiets lopen maar niet zo lang als de jongere en volwassen hond.
